Deformatiemetingen
Om tijdens het plaatsen of trekken van damwanden, bij bemalingen
of heiwerkzaamheden eventuele zettingen (deformaties) te kunnen
detecteren, beschikken wij over de mogelijkheid om continue
hoogtemetingen uit te voeren. Hierbij bevestigen we op het te meten
pand op enkele plaatsen meetstrips waarna om de 15 minuten op0,01
mmnauwkeurig de hoogte wordt gemeten. Indien deformaties worden
aangetoond kan direct worden ingegrepen.
Om deformaties die kunnen optreden tijdens een langere periode
te monitoren, brengen we deformatieboutjes aan in de te monitoren
bebouwing. De hoogte van de bouten wordt met een 'nulmeting'
vastgelegd.
De nulmeting betreft het tweemalig inmeten van de hoogte van de
bouten met een digitaal waterpasinstrument en een
temperatuuronafhankelijke Invar-baak. De meetnauwkeurigheid
bedraagt0,01 mm. De metingen worden verricht ten opzichte van een
niet aan zetting onderhevig referentiepunt en vastgelegd ten
opzichte van N.A.P. Tijdens of na de (bouw)werkzaamheden kunnen we
de inmeting van de deformatiebouten herhalen om zo eventuele
deformaties te detecteren.